Een pastoor betrapt een flinke boerenzoon die achter een schuur "rukkertje" aan het spelen is. Verontwaardigd zegt de pastoor "mijn zoon dat mag je niet doen, je moet dat sparen voor als je getrouwd bent" De boerenzoon verontschuldigd zich en beloofd dat hij de raad van mijnheer pastoor zal opvolgen. Enkele jaren later staat diezelfde boerenzoon voor het altaar en diezelfde pastoor zegent zijn huwelijk in. Na afloop van de ceremonie ziet de kersverse bruidegom zijn kans om de pastoor even privaat te spreken : "Mijnheer pastoor, wat moet ik er nu mee doen?" "Maar mijn zoon, weet jij niet wat je moet doen met Uw bruid op de eerste huwelijksnacht?" "Maar het gaat daar niet over, mijnheer pastoor, dat weet ik wel...maar wat ik niet weet is wat ik nu moet aanvangen met die volle vaten die achter de schuur staan!"